Column Hannes Verhoeven

Column Hannes Verhoeven

De Mannen van het Agrarisch Nieuws

Zittend achter mijn stapeltje schetsjes en ideeën voor een creatie van de Dûikelèèrs in de optocht van het Haaikneuterrijk 2009, valt er uit een stapeltje papieren met schetsjes van een aantal jaren geleden iets opmerkelijks.

Een tegoedbon voor het bijwonen van het Agrarisch Nieuws. Ik dacht meteen, das nie best, dat ben ik vergeten. De uitnodiging dateert van november 2007.

Ik hielp destijds mee met de KPJ, met het jaarlijks terugkerende KPJ weekend. ‘s Nachts opruimen was natuurlijk fantastisch, wetende dat je de volgende morgen, na het opruimen in de tent, bij Schuttershof belandde.

Tegen een uur of elf komen de mannen van het Agrarisch Nieuws één voor één binnendruppelen. Als eerste natuurlijk babbelbox Joaneke Bruurs die sneller praat dan dat hij rijdt met z’n buurtbus. Onmiddellijk gevolgd door Harrie van der Bruggen die letterlijk de sigaar is omdat hij tijdens het nieuws niet meer mag roken. Dan zwiert Piet de wethouder binnen. Sinds hij niet meer actief is op zijn non praat hij alleen nog over mais en èèrpel. Daarna verschijnt een grijze snor, met Jos Geerts er achter. Piet Smolders, de echte senior, sluit zich vervolgens, in zijn lage giering, aan bij het gezelschap.

Plots vliegt de pastor binnen op zijn peniskoker, recht uit de sacristie. Dan komt Sjef uit de Haai, met de kop omhoog, op de proppen. Ja, ja op de haai beginnen ze licht verwaand te worre. Des natuurlijk de invloed van de golfbaan. Tenslotte Jan te Laat, want die moest op zijn broer Kees wachten. Deze sympathieke lachmannen sluiten de rij en maken deze agrarische mannenclub compleet.

Waar treft men nog zo’n gezelschap aan? En wat maakt dit gezelschap zo bijzonder?

Het gegeven is simpel, een oude traditie : buurten na de mis bij Den Ouwe Jan. En waar buurten ze over? Over alles. De aard van de gesprekken wisselt met de jaargetijden. Het gaat vooral over vee, gewassen, prijzen en andere boerenzaken. Maar ook over de plaatselijke politiek en zelfs over de wereldpolitiek. Ja, ja, hier zitten een paar boeren bij die vaker op den harde weg zijn geweest. Maar wat het meeste opvalt is: ze weten het allemaal beter, en………. ze vinden het geweldig als er over hun gepraat wordt.

Vanaf nu ga ik me volledig voorbereiden op het moment dat ik een keer bij hen mag aanschuiven. Zie je het al voor je ? Een ongedoopte hobbyboer uit het plaatselijke dorp, met iets te veel fantasie, waagt zich te meten met deze doorgewinterde, boerende, roddelende, lachende beterweters.

Hulde aan dit gezelschap! Ik ben fan van deze mannen. Zal ik over 40 jaar hun plek innemen???

Hannes Verhoeven.

oktober 2009

Lees meer
  466 Hits
  0 reacties

Column Jan Pulles

Column Jan Pulles

Mijn broer en ik

Zit ik afgelopen week onderuitgezakt op de bank met de afstandsbediening in mijn hand wat rond te zappen, kijk ik ineens mijn bloedeigen broer recht in de ogen. Onze Ton is één van de SBS-traumamedewerkers, die dagelijks enkele akelige situaties behandelen. Mijn broer in een realityserie! Dat komt hard aan! Zorgvuldig bouw ik mijn naamsbekendheid op en in één keer streeft hij mij voorbij! “Ik word al op straat herkend”, zei hij afgelopen zaterdag fijntjes na onze toneelvoorstelling van In de Kèkert.

Sh*t! Sh*t! Sh*t! Ik ben verdorie maar 10 seconden in beeld geweest met de uitzending over Café Schuttershof.

Nou moet je weten, dat er een ware competitiesfeer hangt tussen ons.

Het begon al met zijn geboorte, nota bene slechts 50 weken na mij! Ik was slechts 50 weken de jongste thuis!

Hij groeide mij al in vier jaar voorbij.

Toen we in Esbeek kwamen wonen, kwamen wij in de 2/3-combinatieklas. Door zijn lengte heeft hij een halve dag in de derde gezeten en ik in de tweede. Bij het eerste bezoekje van pastoor Simons in die eerste week lachte de pastoor ermee. Ik keek toch wel wat slimmer uit mijn ogen. Kijk die had ik binnen.

Wij speelden erg veel met elkaar: kaartspelletjes als pesten, jokeren, Amerikaans jokeren, canasta, duizenden, 21-en of 31-en. Monopolie, mens erger je niet, ganzenbord noem maar op.

Wij wilden ook allebei winnen. Hele drama’s waren dat! Woedend stond ik bijvoorbeeld midden in de wei richting Poppel, met mijn smekende broertje achter mij aan om alsjeblieft weer mee naar huis te komen. Iets wat ik nooit meer van plan was! “Jij verpest heel mijn leven!”gilde ik toen. Zo oneerlijk had hij gedaan! Waarschijnlijk kon ik gewoon niet tegen mijn verlies.

Hij was muzikaal, speelde veel eerder en beter piano. Zong als een nachtegaal en hij danste zo goed dat alle meiden met hem wegzwierden. Dat hij later in een andere vijver viste dan ik was toen slechts latent aanwezig.

Ik was gelukkig weer beter in sport en had meer lef en moest hem als oudere broer beschermen, omdat hij een zachter karakter had.

Hij ging één jaar naar Odulphus, wat hem gelukkig niet goed afging. Op leergebied gaven we elkaar niet veel toe. We zaten in Oirschot bij sommige vakken bij elkaar in de klas, omdat ik even andere prioriteiten had.Net voor zijn achttien was hij het huis uit, hij ging de interne opleiding verpleging volgen in Tilburg.

Hij stond met een goed koor regelmatig op de planken, ik stond evenwel ook regelmatig op het toneel, maar dan om te acteren of te presenteren. Kortom we geven elkaar nog steeds niet veel toe. We gaan de laatste jaren samen skiën. Dat kan hij verdorie ook weer beter dan ik! Misschien dat ik volgende week in Oostenrijk hem tijdens een lekker potje kaarten kan aftroeven. We hebben veel plezier als we samen zijn, maar dan moet zo’n tv-serie roet in het eten gooien. Ik snap de titel van die serie wel: Traumacentrum! En toch ben ik apetrots op zo’n broer!!!

Jan Pulles

Lees meer
  621 Hits
  0 reacties

Column Sandra van Dal

Column Sandra van Dal

Een minuut en twee zinnen verder en de wereld staat even stil.

Op een feestje van zwager Jan liep ik Astrid tegen het lijf die, net als alle anderen, informeerde hoe het met me ging. Nog een beetje groggie van 2 narcoses en een chemokuur in vijf dagen zei ik met meer lef dan ik daadwerkelijk had "zal ik er een column over schrijven?" Er is zoveel om over te schrijven, al vaker heb ik gedacht dat ik wel wat wilde schrijven over ons gezin of over mijn werk. De afgelopen weken is daar een ander onderwerp bijgekomen wat ons en zowat het hele dorp bezig houdt.

Begin Juni bewandel ik de weg naar de huisdokter voor wat eerst een gewone controle van de medicijnen zou zijn. Tijdens het gesprek kaart ik aan dat de tepel van mijn rechterborst wat ingetrokken is en of ze even wil kijken. Beduusd stap ik even later de praktijk uit met een verwijzing voor een borstfoto en eventuele echo. De foto wordt gemaakt en als de radioloog binnenkomt blijkt al dat er wat mis is. Er moet tijdens de echo een punctie worden genomen omdat er materiaal in de borst zit wat er niet thuis hoort. Met angst en beven is het twee dagen wachten op de uitslag van die punctie. Die uitslag wordt in 1 minuut en twee zinnen verteld. De punctie is niet goed, wat betekent dat ik borstkanker hebt. Op dat moment staat de wereld stil en heb je maar een vraag: hoe nu verder?

Je moet naar huis de rest van de familie in gaan lichten en hoe in godsnaam ga je het je kinderen vertellen. Het is geen gemakkelijke boodschap en er is veel verdriet. Maar ik wil vooral positief blijven en dat is ook wat ik de kinderen meteen vertel; mama is ziek maar ik word weer helemaal beter en daar gaan we met z’n allen voor vechten. Tot aan de operatie leef ik en word ik geleefd. Er komen ontzettend veel kaarten en regelmatig loopt er iemand binnen. En ja dat vind ik fijn, dat iedereen die wil komen ook werkelijk komt. Fijn dat ik op straat of in de winkel wordt aangesproken met de vraag hoe het gaat? Dat er niet om je heen wordt gedraaid want je merkt dat het een beladen onderwerp is. En nee, ik doe me niet anders voor dan ik me op dat moment voel en ben. Ik voel me sterk en gesterkt door alles wat er om me heen gebeurt. Twee dagen na de operatie mag ik naar huis en ’s avonds zit ik samen met man en kinderen te kijken naar alles wat er voor mij en familie is bezorgd. Kaarten, boeketten en bloemstukken “heb je enig idee wat er rondom jou heen allemaal gebeurt? “ vraagt Corné. Nee totaal niet, ik vind het ongelooflijk dat al die kaarten en bloemen voor mij zijn. Ik ben er compleet overdonderd door en word er verlegen van.

Een week later volgt de uitslag van het weefsel en de week daarop zitten we bij de internist. In de tussentijd is er een foto van de longen, een echo van de lever en een botscan gemaakt; alles blijkt zuiver te zijn en mogen we nog steeds door voor volledige genezing. Toch fijn om dat te weten. Vijf dagen later start de eerste van de 16 chemokuren, alle bijwerkingen die bij de chemokuur horen, komen ook bij mij langs maar na een week is het over en voel ik me weer redelijk fit om dingen te ondernemen. Vier dagen voor de tweede kuur maak ik opnieuw de gang naar het ziekenhuis voor het plaatsen van een port o cath. Ook nu wordt in 1 minuut en twee zinnen gezegd dat deze operatie is mislukt en dat ik ’s maandag terug mag komen voor een tweede poging. Wat inhoudt dat er weer twee littekens bijkomen.

In die tijd beginnen ook mijn haren uit te vallen en als je dan voor de spiegel staat heb je wel enige zelfspot nodig om je brein fris en helder te houden. Gelukkig bestaat er dan nog de hyves pagina waarop ik me kan uitleven. Tijdens de controle zeg ik dan ook tegen de chirurg dat ik gelukkig niet haatdragend ben maar dat al die littekens niet fraai zijn en hij is het met me eens alleen kan hij er niets aan doen. Na zo’n diagnose, borstkanker, lijkt de wereld wel even stil te staan maar draait hij gelukkig ook gewoon door. De kinderen doen het, na bekomen te zijn van de schrik goed en zijn alle drie over met goede rapporten. Ze pakken het leven weer op en zijn bovenal voornamelijk puber met alle gemakken en ongemakken van dien. Gelukkig maar want dat is wat ik wil (nou ja het puberen zou wat minder mogen) maar ik ben blij dat ze gewoon door gaan met hun leventje. Zoonlief is 16 geworden en heeft zijn tractorrijbewijs gehaald wat uitbundig is gevierd en de twee dochters hebben deelgenomen aan de Brabantse kampioenschappen paardrijden en mogen door naar de Nederlandse kampioenschappen en ik was daar bij! kon dat allemaal mee maken!. Helemaal geweldig toch.

Maar zonder al die lieve kaartjes,bloemen en hulp van familie, flapdrollen, collega’s, buurtgenoten, ponyclub t Wit Paardje, dorpsgenoten, psycholoog en de fam. Zwinkels stond ik niet waar ik nu sta en kan ik jullie alleen maar complimenten geven voor alles wat jullie hebben gedaan en hopelijk blijven doen. Ik en het gezin blijven positief maar zullen jullie hulp nog hard nodig hebben want voorlopig ben ik er nog niet. Het is nog een lange weg van chemo en bestralen. Dus blijf vooral langs komen en bellen om de positiviteit die we hebben mee overeind te houden. Na een fijne week vakantie keren we weer terug naar de werkelijkheid weer bloedprikken en als alles goed is volgt de volgende chemo kuur.


Sandra van Dal.

Lees meer
  770 Hits
  0 reacties

Column Rachel Rijnen

Column Rachel Rijnen

Elke dag anders.

Regelmatig krijg ik een sms van matti Wietse waar deze tekst in is verwerkt. Eigenlijk altijd doelend op de lamlendigheid van ons, docenten. De vrijheid en natuurlijk de vele vakanties. Scherend krijgt hij berichtjes terug over zijn drukke baan als coach van pijltjes-schietend Jong Nederland. Gelukkig altijd met een knipoog. Toch heeft deze tekst voor mij wel een kern van waarheid, niet wat betreft die lamlendigheid, maar dat mag duidelijk zijn.

Afgelopen vrijdag kom ik, opgewekt als altijd, op school, lopen er nonnen, clowns, travestieten rond. Ik heb zelfs Elvis gezien. Het was de laatste dag voor de carnavalsvakantie (in onze agenda voorjaarsvakantie genoemd). Elke 50 minuten kwam en een groep al hossend het lokaal binnen. Om helemaal uit de bol te gaan zodra ze door kregen dat ik hier niet zo’n problemen mee had. Na een polonaise al zigzaggend rond de banken, nam iedereen toch weer rustig plaats.

Ook elke dag anders; met Daan en Mees. Denk je het met bloemkool gevonden te hebben, de volgende dag vliegt het avondeten door de keuken. Samen staan ze sterk om vervolgens elkaar het huis uit te vechten. Iedereen met (kleine) kinderen zal dit wel herkennen. Je weet niet waar je aan toe bent. Begrijp me niet verkeerd, ik zou het niet willen missen. Hoe schattig als er aan je gevraagd wordt: “hé mam, heb je al boodgeschapt?” Of je hebt je best gedaan het huis te versieren en als reactie komt er van de ene enthousiast gekraai, terwijl de ander de opmerking maakt: “Het is echt prachtig”. Soms kun je je lach niet houden als ze boos roepen: “Ik word er niet goed van”, doelend op de reclame die een vette tekenfilm onderbreekt. Zo zou ik nog wel even door kunnen gaan, maar ik doe het anders.

Samenwonen met een boer is ook elke dag anders: “Nee, over 2 seconden kom ik eten”. Een half uur later zijn de aardappels verpieterd en is het vlees aangebrand. Hij kon toch ook niet weten dat hij een koe moest helpen kalven, dat de tractor niet zou starten, dat het voeren toch net iets langer in beslag nam. De boel plannen in de aardappeltijd moet je al helemaal niet willen. Ik kan beter standaard voor oppas zorgen als ik weg moet ergens tussen december en maart. Vraag ik: “Ben je vanavond thuis?” Krijg je als antwoord: “Ja hoor”. Even later blijken er toch 2 vrachtwagens te komen die aardappels komen halen. “Ze komen om 15:00u en om 16:00u, niks aan de hand”. Weer later zijn het niet 2 maar 3 wagens, maar er is nog steeds niets aan de hand…. “Ik eet gewoon op tijd mee, ze komen niet vandaag, maar morgen”.

“Met mij…..”

Jawel hoor, het wordt toch vandaag, het zijn er maar twee, maar wel onder etenstijd. Dus ik bewaar gewoon wat eten en hij is vanavond thuis als ik weg moet. Dan gaat de telefoon: “De eerste komt al over een uur, het zijn er toch wat meer geworden. De laatste is er om 23:00u”. “Ik ben dus niet op tijd thuis”. Je meent het! “Oh ja, zou je wat te eten kunnen brengen?”

Gelukkig gaat het niet elke dag zo. Nee, elke dag is anders.

Weer wat anders is carnaval in het Haaikneuterrijk. Op zaterdag zorgt de optocht voor ontlading. De zondagochtend is minder fijn wakker worden, wetende nog een tocht voor de boeg te hebben. Vanmorgen zou ik niet hebben kunnen raden dat mijn dag zou eindigen achter de computer. Nog 2 uur en 15 minuten voor de deadline, kan ik mooi de laatste hand aan mijn column leggen. Dat heb ik weer mooi gepland. En morgen….? Morgen is weer anders.

Rachel.

7 juli 2009

Lees meer
  546 Hits
  0 reacties

Column Jeroen Oerlemans

Column Jeroen Oerlemans

De tijd zal het leren

Zittend op een niet bij het hedendaags interieur passende tuinstoel in onze zojuist opgeleverde woning, genietend van een kop koffie en starend naar een nog niet gestukadoorde muur, denk ik: “Wie had dit 20 jaar geleden gedacht”.

Onlangs zijn de eerste woningen uit het plan Leeuwerik II opgeleverd. De sleuteloverdracht is nog maar nauwelijks een feit, of de eerste elektriciens, loodgieters, schilders en stukadoors staan al op de nog niet verharde stoepen. Je kunt het van de (soms nu al vermoeide) gezichten van de starters aflezen dat ze na een bouwproces van ongeveer 2,5 jaar met vaste vergadermomenten, deadlines en soms moeilijke beslissingen, blij zijn met het uiteindelijke resultaat. Ik ga ervan uit dat niemand van hen over dit geweldige nieuwbouwplan twintig jaar geleden had durven dromen. Sterker nog: er zijn enkele toekomstige bewoners die twintig jaar geleden nog maar amper de woordjes “papa’ of “mama” konden uitspreken! Hiermee wil ik aangeven dat een periode van twintig jaar lang is, maar anderzijds ook weer zo voorbij!

Elf jaar oud was ik, als we de tijd twintig jaar terug zetten. Ik weet het nog als de dag van gisteren hoe een normale dagindeling van mij eruit zag. ’s Morgens ging mijn wekker (je weet wel: eentje met zo’n klepel tussen twee enorme bellen) zo rond de klok van zeven af. Dat ding maakte zo’n enorme herrie dat ik altijd meteen rechtop in m’n bed zat. Nu begrijp ik waarom ze in de loop van de tijd wekkerradio’s hebben uitgevonden! Eenmaal aan de ontbijttafel zittend, vertelde ik vaak vol overtuiging tegen ons pap en mam hoe graag ik boer wilde worden. Waarop ze altijd antwoordde; “Zorg er eerst maar eens voor dat je, indien je de mogelijkheid hebt, verder gaat studeren. “Boer” worden kan altijd nog werd er toen gezegd. Op school aangekomen, probeerde ik zo goed mogelijk de lessen van o.a. juffrouw Rinel en meneer de Beijer te volgen. Dit viel voor mij niet altijd mee, want ik was altijd vrij snel afgeleid door de dingen die om me heen gebeurden. Na schooltijd werd er altijd met vriendjes besproken wie er bij wie ging spelen. En na het avondeten ging ik dikwijls ons pap meehelpen met de laatste werkzaamheden van die dag op de boerderij.

Als ik nu terugblik naar die tijd en me bedenk wat er allemaal veranderd is, kom ik tot het volgende besef: ik beschik nu over een wekkerradio i.p.v. een sterk opgevoerde alarmbel. De doelstelling om later het ouderlijk agrarisch bedrijf over te nemen is er nog steeds, maar vooralsnog geen feit. Dat er voor het runnen van een agrarisch bedrijf veel meer kennis en kunde nodig is dan twintig jaar geleden gezien de huidige wet- en regelgeving, is voor mij in de loop der jaren ook duidelijk geworden. Het studeren is omgezet in werken bij een agrarisch aanverwant bedrijf en het gaan spelen bij vriendjes heeft plaats gemaakt voor het regelmatig in het weekend drinken van een pilsje met vrienden. Wat betreft het meehelpen op de boerderij, is er niet veel veranderd, echter de werkzaamheden zijn meer uitgebreid en worden zelfstandig uitgevoerd. Uit bovenstaande blijkt dat er mettertijd een aantal zaken door o.a. modernisering en verandering van levenswijze sterk zijn veranderd, maar dat er voor mij persoonlijk ook gedurende de afgelopen twintig jaar een bepaalde rode draad is te herkennen.

Nog steeds op de inmiddels oncomfortabel zittende tuinstoel en voor me de koud geworden koffie, besef ik dat je toekomst niet volledig in eigen hand hebt. “Wat mij de komende twintig jaar zal brengen…..de tijd zal het leren!”.

Jeroen Oerlemans.

7 juli 2009

Lees meer
  661 Hits
  0 reacties

Coöperatie Esbeek wordt gesteund door:

Redactie & Fotografie: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Voor vragen over de Coöperatie: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Webdevelopment: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.